Populieren wuiven
lommerig over het gras
luwte
in een ongedurig landschap.
Ritselende houtreuzen
mijmerend
op verdrongen verdriet
dauw druipend van blad tot blad.
Als sprankelende parels
pletsen ze in het beekje
als zuigende razernij
suist het water weg.
De ochtend
pastel getinte zon
rijzend
hoe romantisch ook
Vergrijst in gedachte.
Een in zichzelf gekeerde tijd
rauw als schuurpapier
balsemt
dit glas goud parelend bier
schuimend mijn smart.
Pegelen